Thuis is waar de tent is

door | mrt 19, 2019 | Hiken, Kamperen, Slapen

Ik loop naar mijn tent. Een blij gevoel vervult me. Het is een heldere nacht en in de maneschijn zie ik dat mijn tent, die ik in de relatieve middagwarmte heb opgezet, is ingezakt. Zonder hoofdlampje weet ik ‘m met gemak en vertrouwdheid op te spannen. “Natuurkunde in de praktijk” denk ik al glimlachend. Warmte zet nu eenmaal uit, dus met de koude lucht van de nacht is het tentdoek slapper geworden en met de nog steeds heersende wind loont het om ‘m opnieuw op te spannen. ’s Nachts eruit vanwege een flapperend tentdoek is niet iets waar je zin in gaat hebben. 

Tevreden rits ik mijn tent open. Het voelt altijd als thuis komen als ik dat doe, en dat gevoel blijft me keer op keer verrassen. Natuurlijk, wanneer ik aan het einde van een wekenlange hike de tent voor de zoveelste keer wéér moet opzetten, overvalt mij ook wel eens het gemixte gevoel van verveling en vermoeidheid, maar wanneer ie staat en ik mijn spullen er in uitstal is het gevoel van blijheid en thuiskomen altijd sterker. “Logisch,” zul je denken (ik heb het ook lang genoeg gedacht), “die tent is gekoppeld aan vrolijke, positieve emoties, omdat je dan op vakantie bent, omdat je doet wat je leuk vindt. Je tent staat gewoon symbool voor mooie, goede tijden.” Maar bijna het tegendeel is waar. Zeker, buiten kijf, veel mooie tijden heb ik grotendeels met mijn tent mogen ervaren. Maar ik heb er ook heel veel pijn, extreme vermoeidheid en oprechte angst beleefd. Nachten waarin de ochtend niet vroeg genoeg kon komen, nachten waarin de lokale fauna kennelijk een feestje om m’n tent had gepland, nachten waarin ik mezelf huilend in slaap bracht. Nachten die je liever niet nog eens meemaakt.

Vannacht is het een koude heldere nacht, het is begin van de lente, de nachttemperatuur is net iets boven het vriespunt. Smalend denk ik aan al die stoere outdoor-discussies… “Ik sliep met -20 graden buiten!” Temperatuur is zo niks zeggend, heb ik de afgelopen outdoorjaren goed geleerd. Liever een heldere nacht zonder wind met stoere cijfers onder het vriespunt, dan een paar graden boven nul, met regen en een straffe wind. Sterker nog, ik leerde dat eigenlijk al tijdens mij puberjaren, door de wedstrijden van survivalrun. Liever ver onder het vriespunt, dan kon je niet door water omdat het bevroren was en je ging aanzienlijk minder snel -fysiek én mentaal- kapot. En als wel door water, dan liever windstil. Temperatuur was ook toen al nooit evenredig met de zwaarte van de beleving. Ik hou me dus tegenwoordig maar afzijdig van dit soort stoere kampvuurpraat. Vannacht is het wel zo’n koude, winderige en vochtige nacht. Mijn blote voeten in mijn slaapzak steken is nog goed te doen. Ik weet dat al mijn kleren uit zullen moeten, hoe aantrekkelijk die gedachte om met mijn kleren aan in slaap te vallen nu ook is. Ik heb het zelf nationaal als advies gegeven, ik ga toch nu niet zelf overstag voor kou-angst? Als ik slim was geweest had ik een sprintje naar mijn tent getrokken, of wat suffe oefeningen zoals squats gedaan voor mijn tent. Maar ik ga nu niet meer half naakt naar buiten. Snel kijk ik of ik nog een droog shirt bij me heb. Gelukkig, thuis was ik toch nog bij zinnen bij het inpakken van m’n rugzak. Soms is één nacht kamperen makkelijker, maar je pakt daardoor ook nonchalanter in, waardoor zo’n nacht je plots toch nog duur kan komen te staan. Oké. Even een paar keer stevig en diep in ademen, en dan snel dat koude shirt aan. Hoe tegenstrijdig het op dat moment ook voelt, het geeft een zoveel warmere nacht dan slapen in je weliswaar door je lichaamstemperatuur opgewarmde kleding, maar wat toch stiekem vol lichaamsvocht zit. En dat gaat ’s nachts flink afkoelen. Iets kouds maar droog aantrekken loont…maar je moet wel even ‘lange’-termijn kunnen denken als je het aantrekt. Iets met wilskracht. En weten wat werkt. En niet eigenwijs zijn.

De nacht was het weliswaar koud, maar dragelijk. Gelukzalig doe ik mij ogen open. Het blijft onbevattelijk hoe rustgevend en zaligmakend het is om wakker te worden in niks anders dan de spullen die nagenoeg tegen je aangedrukt liggen in je éénpersoonstent. Alles waarmee je het leven gaat trotseren ligt in 5 m2 om je heen. Alles wat zorgt dat je het leven ervaart, heeft een relatie met mijn kleine, groene, robuuste vriend. Niet de hoeveelheid positieve emoties, maar het leven in al zijn glorie beleven, positief én negatief, is waar mijn tent symbool voor staat. Mijn tent is het symbool voor leven; vroeg op, avonturen beleven, het hele emotionele spectrum van het leven ervaren en tevreden in slaap vallen. Dát is waarom mijn tent altijd als thuis zal voelen. #homeiswherethetentis